Strooivoer is dé basis van vogels voeren. Het is een mix van zaden, granen, pitten en soms vruchten of insecten, geschikt voor een breed scala aan tuinvogels. In dit blog lees je wat goed strooivoer kenmerkt, welke vogels ervan profiteren, hoe je het aanbiedt en waar je op moet letten bij het kopen.
Wat is strooivoer?
Strooivoer is een mix van zaden, granen, pitten en soms vruchten of gedroogde insecten, bedoeld om op de grond of een voederplateau te strooien. Het is geschikt voor een grote verscheidenheid aan tuinvogels en wordt vaak gebruikt als aanvulling op vetbollen of pinda’s. Het grote voordeel: het is veelzijdig en bruikbaar het hele jaar door, en trekt een breed scala aan vogels aan.
Waarom strooivoer aanbieden?
De natuur biedt niet altijd voldoende voedsel. In herfst en winter zijn bessen en insecten schaars. Ook in het voorjaar kunnen vogels moeite hebben om genoeg voedsel te vinden, zeker als ze jongen moeten voeden. Strooivoer vult die leemtes en geeft vogels de energie die ze nodig hebben om te overleven en zich voort te planten. Vooral bij langdurige vorst, droogte of een schrale lente is bijvoeren met strooivoer een belangrijke ondersteuning.
Welke vogels eten strooivoer?
Strooivoer trekt veel verschillende soorten aan, afhankelijk van de mix:
- Merels: dol op rozijnen, fruit en zachte granen.
- Vinken en mussen: gek op gierst en zonnebloempitten.
- Roodborstjes: houden van meelwormen en zachte stukjes.
- Kool- en pimpelmezen: eten vooral zonnebloempitten.
- Spreeuwen en lijsters: eten graag vruchten en insecten.
- Heggenmussen en winterkoninkjes: pikken kleine zaden van de grond.
Door verschillende soorten strooivoer te combineren, vergroot je de biodiversiteit in je tuin aanzienlijk.
Wat zit er in goed strooivoer?
Niet alle strooivoer is hetzelfde. Goed strooivoer bevat voedzame ingrediënten zonder onnodige toevoegingen zoals zout, brood of kleurstoffen. Let op deze hoofdingrediënten:
- Zonnebloempitten: rijk aan vetten en eiwitten, favoriet bij bijna alle vogels.
- Gierst: kleine zaden, perfect voor mussen en vinken.
- Tarwe en gerst: vullende granen voor merels en duiven.
- Mais: snelle energiebron, vooral in de winter.
- Hennepzaad: rijk aan vetten en eiwitten.
- Gedroogde meelwormen: extra eiwit voor insecteneters.
Hoe bied je strooivoer aan?
Strooi het voer niet rechtstreeks op het gras. Dat trekt ratten en muizen aan en zaden gaan kiemen tussen je gras. Gebruik een vlak voederplateau, een voederhuisje of een speciale strooibak. Plaats de voederplek op een rustige plek met goed zicht, minimaal twee meter van struiken waar katten zich kunnen verbergen. Doseer kleine porties zodat het voer aan het eind van de dag op is, zo voorkom je bederf en muizen.
Wanneer strooien?
Strooivoer is een jaarrondproduct, maar de samenstelling kan per seizoen verschillen. In de winter een vetrijke mix met zonnebloempitten en pinda’s, in de lente een eiwitrijke mix met meelwormen voor broedende vogels, in de zomer een lichte mix in kleinere porties, en in de herfst weer een vetrijke mix om reserves op te bouwen. Strooi bij voorkeur ‘s ochtends, zodat vogels de hele dag de tijd hebben om te eten.
Hygiëne en plaatsing
Reinig het voederplateau elke twee weken met heet water zonder zeep, in de zomer extra vaak. Vermijd plekken waar voer nat blijft, want vochtig strooivoer schimmelt snel. Plaats de voederplek niet vlak onder een tak of stoeltje waar vogels op zitten, om besmetting met uitwerpselen te voorkomen. Een schone voederplek is het geheim van een gezonde tuinvogelpopulatie.
STROOIVOER KOPEN?
Bestel direct bij Vogelvoerkopen.nl
Premium strooivoer voor een drukke tuin het hele jaar door.
Gratis verzending v.a. €45.
Bekijk het volledige assortiment →
Conclusie
Strooivoer is een veelzijdige basis voor een vogelvriendelijke tuin. Een goede mix van zonnebloempitten, granen en zaden trekt mussen, vinken, mezen en merels aan. Bied het aan op een schoon voederplateau, doseer kleine porties en houd je voederplek hygiënisch. Zo geniet je het hele jaar van levendige tuinvogels.
Veelgestelde vragen
Wat is strooivoer voor vogels?
Een mix van zaden, granen, pitten en soms vruchten of insecten, bedoeld om op de grond of een voederplateau te strooien. Geschikt voor veel tuinvogels.
Welke vogels eten strooivoer?
Mussen, vinken, mezen, merels, roodborstjes, spreeuwen en heggenmussen. Ook duiven en tortels pikken graag strooivoer mee.
Wat zit er in goed strooivoer?
Zonnebloempitten, gierst, tarwe, gerst, mais, hennepzaad en eventueel meelwormen. Geen zout, brood of kleurstoffen.
Mag ik strooivoer op het gras strooien?
Liever niet. Het trekt ratten en muizen aan en zaden gaan kiemen tussen je gras. Gebruik een vlak voederplateau of voederhuisje.
Wanneer voer ik met strooivoer?
Het hele jaar door, maar pas de samenstelling aan: vetrijk in winter, eiwitrijk in lente, lichter in zomer, weer vetrijk in herfst.
Hoe vaak schoonmaken?
Elke twee weken met heet water zonder zeep. In de zomer extra vaak. Vermijd plekken waar voer nat blijft.
Wat is onkruidvrij strooivoer?
Strooivoer met behandelde zaden die niet kunnen kiemen. Voorkomt dat overgebleven zaden later in je tuin opkomen als onkruid.